Het donutmodel leert ons hoe we welzijn voor eenieder kunnen realiseren binnen planetaire grenzen. In haar lezing liet Raworth zien hoe dit model op vele plekken in de wereld burgers en overheden geïnspireerd heeft om in actie te komen – van Amsterdam tot Barcelona, van Philadelphia in de Verenigde Staten tot Ipoh in Maleisië. Maar er is nog geen enkel land dat zowel het sociale fundament (de binnenste ring van de donut) als het ecologisch plafond (de buitenste ring) respecteert. De donuteconomie is werk in uitvoering. Nederland heeft het sociale fundament redelijk op orde, volgens internationale standaarden, maar overschrijdt niet minder dan vijf planetaire grenzen, waaronder die voor CO2 en stikstof.
Zolang de economie in rijke landen als Nederland maar blijft groeien, is het haast onmogelijk om binnen de ringen van de donut te geraken. We moeten dus kritisch kijken naar de drijfveren voor economische groei. Raworth benoemde er acht. Deze zijn van financiële, sociale en politieke aard. Voor elk van deze drijfveren schetste zij een alternatief. Zo kan het bedrijfsmodel dat zich richt op het maximaliseren van de opbrengsten voor aandeelhouders worden afgelost door een model waarin werknemers en andere stakeholders de baas zijn. Het streven van politici om 'de taart te vergroten' door middel van economische groei moet plaatsmaken voor echte herverdeling van welvaart. Een gezonde economie hoeft niet te groeien, maar dient mensen en ecosystemen te doen gedijen.
Paul Schenderling (auteur Er is leven na de groei), Yasmin Ait Abderrahman (voorzitter FNV Young & United) en Senna Maatoug (Tweede Kamerlid GroenLinks) reageerden op de lezing van Raworth. Onder leiding van presentator Eveline van Rijswijk ontstond een levendige gesprek met Raworth en de zaal, in een mix van Nederlands en Engels. Uiteraard bleef de Nederlandse stikstofcrisis – feitelijk een biodiversiteitscrisis – niet ongenoemd. "Dit is het begin van een tijdperk waarin we de planetaire grenzen echt gaan voelen", aldus Raworth.